| ![]() |
Indien een kind overeenkomstig art. 13 lid 3 een geldvordering op zijn langstlevende ouder ter zake van de nalatenschap van zijn eerst overleden ouder heeft verkregen en de langstlevende ouder bij diens overlijden gehuwd was, is de stiefouder verplicht aan het kind op diens verzoek goederen over te dragen met een waarde van ten hoogste die geldvordering, vermeerderd met de in lid 4 van dat art. bedoelde verhoging. Wordt de nalatenschap van de langstlevende ouder niet overeenkomstig art. 13 verdeeld, dan rust de in de vorige zin bedoelde verplichting op de erfgenamen van de langstlevende ouder.
Laatst gewijzigd: 16-Jul-10 07:58

