Burgerlijk Wetboek Boek 4
Artikel 59
1

De beroepsbeoefenaren op het gebied van de individuele gezondheidszorg, die iemand gedurende de ziekte waaraan hij is overleden, bijstand hebben verleend, alsmede de geestelijk verzorgers die hem gedurende die ziekte hebben bijgestaan, kunnen geen voordeel trekken uit de uiterste wilsbeschikkingen die zodanig persoon gedurende de behandeling of de bijstand te hunnen behoeve heeft gemaakt.

2

Ook kan degene die een voor de verzorging of verpleging van bejaarden of geestelijk gestoorden bestemde instelling exploiteert of die daarvan de leiding heeft of daarin werkzaam is, geen voordeel trekken uit de uiterste wilsbeschikkingen, welke zodanig persoon gedurende een verblijf in die instelling te zijnen behoeve heeft gemaakt.



Laatst gewijzigd: 16-Jul-10 00:59

Vraag & Antwoord

Vragen? Opmerkingen? Suggesties? Gebruik het reactieformulier!

Zoeken & Vinden

Advocaat zoeken

Advocaat nodig? Tik de postcode!

Ingezonden mededeling


Mijn account

Snelkoppeling

Index   Boek 1   Boek 2   Boek 3   Boek 4   Boek 5   Boek 6   Boek 7   Boek 7a   Boek 8

Bladwijzer

Aantekeningen

Tags

 
<+ expr:${site.copyright:-©2008 LUXiTUDE} +>
Postbus 44
3500 AA UTRECHT
The Netherlands
(T) +31 30 2630304
(F) +31 30 2630305
De teksten op deze site zijn een bewerking van de officiele teksten. Gebruik van de informatie op deze website geschiedt uitsluitend op risico van de bezoeker. Alleen publicaties in het Staatsblad, de Staatscourant en andere van overheidswege verkrijgbaar gestelde publicatiebladen hebben een officieel karakter. ©MMVIII All rights reserved. Niets uit deze website mag worden vervuldigd en/of openbaar worden gemaakt zonder toestemming van de wetmaster. De Algemene Voorwaarden LUXiTUDE alsook de Voorwaarden voor Gebruik zijn van toepassing. Powered by LUXiTUDE Enterprise Portal Server V20081231.